Odefruta Portugal 1996

A hell of a job...
Odefruta Het pijltje op het verroeste bordje wijst omhoog. Werk van de zoute zeewind? Of cynisch grapje van een gedupeerde? Odefruta, verwezen naar het rijk der fabelen...
Het moet een magische klank gehad hebben.
De mensen hier zijn arm. De landbouwmethodes primitief.
Het gebied is beschermd tegen toeristische hoogbouw en industrie. Ruige grillige rotsen gaan over in schrale door de zon gekasteide landerijen. Het is hier onwerkelijk mooi. De vele vogelsoorten, waaronder de indrukwekkend rondzeilende ooievaars, kunnen dit bevestigen. Zij hebben zelfs afgezien van de wintertrek naar Afrika.

Vijftig kilometer naar het zuiden ligt de toeristische Algarve, als afschrikwekkend voorbeeld. Maar de jeugd van deze streken trekt er heen, op zoek naar werk.
Odefruta, samentrekking van Odemira en fruta. In Portugal zie je dat veel: Farauto, Portomoveis, Lisbanco.
Een jaar of 10 geleden is er met kapitaal van de Europese Unie een even groot als wanstaltig kassencomplex gebouwd. Een wirwar van plastic kassen, ruw houten werkketen, kilometerslange, zanderige hobbelpaden.
Een electronisch centrum, glanzende vrachtwagens, chemische bestrijdingsmiddelen.
Paprika, tomaten, komkommers, bestemd voor de export. A hell of a job, in dit klimaat.
Initiatiefnemer was, naar verluid, een Franse miljonair. Hij moet zijn kans schoon gezien hebben in de bureaucratische chaos van ‘Europa’, dat geld steekt in zijn achtergebleven gebieden. Ingenieurs en andere stafleden kwamen uit het buitenland, aangelokt door klinkende contracten met forse salarissen. De kleine boeren, erfgenamen van eeuwenoude geslachten, moeten afgunstig gekeken hebben naar het geavanceerde irrigatiesysteem, dat werd opgezet. Zij, en de mannen uit de omringende dorpen verdienden wat bij aan het graven van de kanalen en het bouwen van de ontelbare kassen. De vrouwen verdrongen zich op lijsten om zogauw de oogst rijp was de vruchten te komen plukken. Hoe lang hebben ze haar werk kunnen doen? En hoe vaak zijn zij trots thuis gekomen met hun maandsalaris van 45 contos, ongeveer 500 nederlandse guldens?
Van meet af aan haperde er van alles. Het plastic van de kassen bleek niet bestand tegen de forse zeewind. In allerijl werd er een kilometerslange muurvan-gaas gebouwd.
Herhaaldelijk verruilden de kasarbeidsters met gemengde gevoelens de hete kassen voor een stukje schaduw in de dunne dennenbosjes. Wachtend op zaad, op kunstmest, wachtend op kistjes, op vrachtwagens, op gas, op stroom, wachtend op de computertechneut..
Dorre planten, rotte tomaten, verloren ecu's...
De ingenieurs vertrokken het eerst. Hier viel niet te werken. Waar bleef trouwens hun salaris?
En tenslotte dan, werd het gerucht bevestigd: de miljonair was zoek. De vrouwen hadden toen al drie maanden geen escudo gezien.
Zij keerden terug naar hun dorpen. Ontgoocheld. Wat niet al te rot was, of al bijna rijp, namen ze mee.

Middenin het beschermde natuurgebied aan de Costa Vincentina ligt een stukje hel op aarde. Gescheurd plastic, overwoekerd door uitgeschoten kasplanten en tropisch aandoend onkruid, rafels van gaas in alle tinten, half gesloopte computers en vrachtwagens, brokstukken van kisten en keten. Het hout is verdwenen, omgetoverd tot hutten, kippenhokken, hekken tot in de wijde omtrek. Ook hele lappen gaas hebben een nieuwe bestemming gevonden rondom kleine groententuinen en jonge boompjes.
‘Odefruta’ klinkt nu als een vloek. Vooralsnog onzichtbaar is het gif in de grond.
De jonge plaatselijke milieubeweging trekt sinds een jaar aan de bel.
A hell of a job.

home